top of page
logo Lowlands Fiction

HET WONDERKIND - MIRIAM OOTJERS

  • 10 apr
  • 10 minuten om te lezen

Eerder verschenen op Out of this world en in de bundel De Belofte van EdgeZero.

 

Keurig met de knieën tegen elkaar, de rug recht tegen de stoelleuning en het hoofd geheven lachte ze bescheiden naar de flitsende camera's. Ze draaide haar hoofd langzaam van links naar rechts om alle fotografen de kans te geven haar gezicht goed in beeld te krijgen. De kwast die ze had gebruikt om het impressionistische werk dat achter haar stond te schilderen, hield ze dan weer in haar linkerhand, dan in haar rechterhand. Ze zei geen woord, bevochtigde alleen af en toe haar lippen zodat deze glansden in het licht van de flitsen. Toen er een blonde pijpenkrul over haar ogen viel, hief haar vader een hand op naar de fotografen, streek de krul liefdevol achter een oor van het meisje en gebaarde naar de mannen dat ze door konden gaan. Na een paar minuten begon de rechterwijsvinger van het meisje te trillen. Een paar seconden later tikte haar voet tegen de stoelleuning. Het vijfjarige wonderkind in het blauwe jurkje, de kanten kousjes en zwarte lakschoentjes werd ongeduldig. Haar vader stapte naar voren, ging tussen haar en de fotografen staan ten teken dat het genoeg was. Onder zacht gemompeld protest werden camera's losgeschroefd, statieven ingeklapt en koffers geopend om alle apparatuur op te bergen. Niemand waagde het nog een foto te maken. Met een man van bijna twee meter en intense, bruine ogen ging je niet in discussie. Toen iedereen de kamer uit was draaide de man de deur op slot en sloot de gordijnen, terwijl het meisje met een geërgerde zucht haar schoentjes uitschopte.

  'Dit is vernederend,' zei ze op een toon die niet bij een vijfjarige paste.

  'Dit levert geld op, je moet niet zeuren,' reageerde de man met een schouderophalen dat niet bij een zorgzame vader paste. Hij knielde en boog naar haar toe voor een kus, maar ze draaide haar hoofd weg. De kus belandde op haar wang.

  'Donder op,' bromde ze terwijl ze zich van de stoel liet glijden en aan haar jurk begon te frunniken.

  'Sophia...'

  'Ik ben Angela. Toch..? Of was dat vorige week?' Haar wenkbrauwen trokken zich samen in een nadenkende frons. 'Nee, dit is Parijs. Ik ben Sophia. Dat klinkt Franser dan Angela.' Haar vingers worstelden met de jurk. 'En welke idioot maakt kleding met deze rotknopen voor een vijfjarige? Ik krijg die ondingen...'

  Grote handen sloten zich over de kleine meisjeshanden en trokken ze voorzichtig weg. 'Laat mij maar.'

  'Aran, ik wil niet dat je mij helpt.' Het klonk gelaten.

  Rustig knoopte hij de jurk los en trok de stugge stof over haar schouders zodat ze er uit kon stappen. Hij keek haar na terwijl ze achter een kamerscherm verdween, om zich uit de onderjurk te werken en een meer comfortabel jurkje aan te trekken.

  'Vernederend,' mopperde ze opnieuw vanachter het scherm, ditmaal gemompeld.

  Aran trok zijn das wat losser en plofte op de stoel. Ook hij was geen fan van de Parijse mode van 1880. Maar het hielp bij de publiciteit voor het vijfjarige wonderkind met de techniek en het oog van een schilder met vijftig jaar ervaring. Wat ook klopte. Het waren zelfs aardig wat meer jaren.

  'Wat wil je hierna doen?' vroeg hij om haar af te leiden.

  'We zijn hier net,' klonk het vanachter het scherm, maar niet meer boos of gefrustreerd.

  'Piano?' stelde hij voor.

  'Dat hebben we in Finland al gedaan. Zes jaar geleden. Toen was ik, eh...' Ze kwam achter het scherm vandaan. 'Hanna.' Ze dacht even na. 'Wat dacht je van schaken?'

  Hij keek haar bedenkelijk aan. 'Een meisje dat schaakt? En we zijn net in Rusland geweest.'

  Ze wapperde de tegenwerpingen met een hand weg. 'Er zijn meer landen met schaakgrootmeesters. En trekt het juist niet extra aandacht? Natalia, het meisje dat schaakt. Ja, dat is wat ik wil zijn. Schaakgrootmeesteres.'

  Bijna had hij 'schaakkleinmeesteres' gezegd, maar hield zich wijselijk stil. De laatste jaren leken zijn grappen minder goed bij haar te vallen. Alsof ze na iedere nieuwe naam en iedere nieuwe plaats een beetje van haar gevoel voor humor achterliet in het land dat ze verlieten, op zoek naar nieuwe manieren om geld te verdienen met de talenten van het 'wonderkind'.

  Misschien moesten ze de rollen eens omdraaien. Moest hij eens aan het werk. Dan konden ze wellicht een tijdje leven als echte vader en dochter. Tot het mensen begon op te vallen dat 'dochterlief' niet ouder werd.

  Als volwassene kon je gemakkelijk tien jaar volhouden dat je in de dertig was. Maar bij een kind dat niet ouder leek te worden begonnen mensen na twee, soms drie jaar lastige vragen te stellen. Als ze de eerste bedenkelijk blikken zagen, pakten ze hun boeltje weer bij elkaar en trokken naar een andere stad.

  Hij wist ook dat, als het er op aankwam, ze beiden liever gingen voor het gemakkelijk geld dan dat zij de hele dag alleen thuis zat terwijl hij in een fabriek of op kantoor geld verdiende. Opgesloten in huis, want als een vijfjarige alleen over straat ging, werd ze binnen de kortste keren aangesproken door een bezorgde voorbijganger, die vroeg of ze misschien verdwaald was en haar niet uit het oog verloor voordat ze veilig weer thuis was.

  Liever liet hij haar genieten van de aandacht die ze als wonderkind kreeg. Ze bezat een enorme creativiteit, zelfs voor hun soort. Hij zag niets liever dan haar dat te gebruiken om te schilderen, te dichten, te componeren. Op die momenten voelde zij zich even helemaal vrij. Hij gunde haar die vrijheid.

  Tegelijk begon hij zich zorgen te maken over de opkomende media. Kranten die in London gedrukt werden, doken tegenwoordig ook op in bijvoorbeeld Parijs en Amsterdam. Foto's waren van slechte kwaliteit, zwart-wit en korrelig. Maar toch. Technieken werden steeds beter. Wat als er een moment kwam dat mensen in Rusland daags na het verschijnen een Londense krant in handen hadden, met scherpe foto's? Kranten die schreven over het wonderkind dat zo prachtig schilderde, en ze haar zouden herkennen als het vijfjarige meisje dat een jaar daarvoor nog haar eigen gecomponeerde stukken speelde op een vleugel in Moskou? Hij kon eenvoudig naar een ander lichaam springen. Zij kon dat niet.

  Ze hadden het geprobeerd, nog niet zo lang geleden. Ze had gezegd zat te zijn van het blonde haar en de blauwe ogen. Ze wilde wel weer eens een jongen zijn en was naar een zevenjarig kind gesprongen. Het kind had zich verzet tegen de invasie van een vreemde energie, en met haar laatste beetje kracht kon ze terugspringen naar het vorige lichaam.

  Drie dagen had hij aan haar bed gezeten en haar hand vastgehouden, wensend dat ze wakker zou worden. Op de derde dag opende ze haar ogen, hield haar handen voor haar gezicht, zag dat ze weer in het oude lichaam zat en vloekte.

  Dat nooit meer, had hij zichzelf beloofd. Blijkbaar was ze er zelf ook van geschrokken, want ze had een nieuwe sprong niet weer voorgesteld.

  Dat was dertig jaar geleden.

  'Wat dacht je van Spanje?' stelde hij voor terwijl hij haar krullen in een losse knot opbond. 'Lekker warm daar in de zomer.' Hij liet haar los, maar ze bewoog niet.

  'Ik wil het weer proberen,' zei ze. 'Een volwassen lichaam.' Nu draaide ze zich naar hem toe.

  'Je bent niet sterk genoeg om een volwassen lichaam in stand te houden.' Hij zuchtte en legde zijn handen op haar schouders. 'Deze discussie hebben we vaker gehad.'

  'En we gaan hem nog veel vaker hebben, als je mij niet laat uitpraten.'

  Hij keek haar vragend aan.

  'Ik spring in dit lichaam.' Ze drukte een vinger in zijn borst. 'Dit lichaam is het gewend. Het heeft het lang geleden opgegeven terug te vechten. En jij springt naar dit lichaam.' Ze wees naar haar borst.

  Hij schudde bedenkelijk zijn hoofd. Moest hij haar vertellen dat de originele eigenaar iedere dag vocht om de controle over het lichaam terug te krijgen? Dat hij het duwen en trekken kon voelen, soms sterker, soms zwakker, maar dat hij sterk genoeg was om terug te vechten? Dat hij bang was dat ze een nieuwe poging niet zou overleven, bang was dat ze zou verdrinken in de kracht van een volwassen lichaam en samen met de eigenaar het leven uit moest leven, krachteloos naar de achtergrond gedrukt, niet bij machte ook maar een ooglid te laten trillen? Dat ze met het lichaam zou sterven? Hij kon niet zonder haar. Zwak als haar energie was, zo sterk was ze in zijn ogen.

  Hij vervloekte de dag dat ze gemaakt was, veel te jong, te klein en te zwak om ooit een volwaardig leven te leiden.

  'Een experiment' hadden ze haar in de Kring genoemd. 'Mislukt', werd daar aan toegevoegd toen ze in een volwassen lichaam geduwd was dat binnen een paar uur begon te sterven. Vervolgens probeerden ze het lichaam van een vijfjarige jongen. Dat hield, maar het deed niets anders dan voor zich uit staren. Ze moesten het voeren en van de ene naar de andere plek dragen, als een levende pop.

  Hij had medelijden met het wezentje dat apathisch op een stoel zat, en gevraagd het te mogen hebben in plaats van te vernietigen.

  In de Kring hadden ze hem spottend uitgelachen. Was hij op zoek naar een huisdier? Dan kon hij beter een schildpad nemen, die bewoog meer. Maar hij had aangedrongen, met de belofte het alsnog te beëindigen als het niet verbeterde, en uiteindelijk hadden ze toegegeven. Waarschijnlijk niet om hem zijn zin te geven, maar omdat het eenvoudiger was dan vernietigen.

  Hij moest toegeven dat hij het in eerste instantie inderdaad gezien had als een huisdier. Een wezen met weinig eigen wil. Een metgezel in het eenzame leven dat hij leidde, iets waarvoor hij kon zorgen en waarvan hij kon houden. Iemand die hem nodig had.

  Hij duwde de energie uit het jongenslichaam in dat van een meisje van een jaar of vijf, zonder precies te weten waarom. Misschien dat de originele eigenaar van het lichaam dat hij op dat moment bezat een dochter verlangde.

  Soms sijpelden sterke gevoelens van de originele eigenaar van het lichaam naar hem door, en gaf hij daar gehoor aan. In de loop van de eeuwen had hij geleerd hier niet tegen te vechten. Het waren de dingen die hem jaar na jaar, lichaam na lichaam steeds een beetje meer menselijk maakten.

  Tegen beter weten in sprak hij tegen haar, benoemde objecten, vertelde haar verhalen. En tot zijn verrassing begonnen haar ogen hem te volgen. Na een paar maanden schoot haar blik van hem naar objecten die hij benoemde. Ze begon haar mond dicht te houden bij dingen die ze blijkbaar niet lustte als hij haar voerde. Ze startte met het maken van geluiden, eerst klanken, later woorden, tot ze hele zinnen kon formuleren. Hij kwam er achter dat ze tijdens die apathische periode wel degelijk naar hem geluisterd had. En belangrijker: ze had van hem geleerd.

  Ze begon te bewegen, wiebelde met een been, wees met een hand naar dingen, en op een dag vond hij haar op de grond van de kamer, ruim een meter van de bank waarop ze gezeten had.

  Langzaam maar zeker leerde hij haar lopen en stimuleerde haar fijne motoriek tot ze de bladzijden van een boek kon omslaan. Hij leerde haar lezen en schrijven.

  Toen was het hek van de dam en realiseerde hij pas echt hoe intelligent ze was. Alles wat haar energie lichamelijk niet kon, maakte ze geestelijk goed. Al snel overtrof ze hem in kennis, welbespraaktheid, creativiteit, gevatheid.

  Van een huisdier had hij binnen vijf jaar een metgezel. Een dochter. Al had ze hem waarschijnlijk smalend aangekeken als hij haar dat hardop had genoemd.

  Hij had alles voor haar over, beloofde haar altijd samen te blijven, altijd voor haar te zorgen. Voordat de wereld met haar had kennisgemaakt, was ze al jaren zijn wonderkind.

  Dat was tegelijk haar redding en haar strop. Want al anderhalve eeuw zat ze vast in dit menselijk kinderlichaam. Terwijl ze geestelijk steeds sterker werd, was ze steeds minder goed in staat het lichaam in stand te houden, ook al wilde ze dat zelf niet toegeven. En overspringen was geen optie meer.

  Honderden keren had hij zich afgevraagd waar dit zou eindigen. En hoewel hij het antwoord wist, wilde hij dat niet aan zichzelf toegeven.

  Hij liet haar schouders los, stond op en liep naar het raam.

  Zijn lichaam. Hij liet het idee toe, maar alleen op zijn voorwaarden. Een nieuw experiment, zonder het haar te vertellen.

  'Goed,' knikte hij, met zijn gezicht nog naar het raam zodat ze in zijn ogen niet kon zien wat zijn werkelijke bedoeling was.

  'Echt?'

  'Ik spring in jouw lichaam, jij in dat van mij.' Hij probeerde het zo overtuigend mogelijk te laten klinken en draaide zich naar haar toe. 'Laten we beginnen. Maar tegelijk, zodat de energie van dit lichaam geen kans heeft het weer over te nemen voordat jij er in springt.'

  Ze ging staan en ademde diep in.

  'Klaar?'

  Ze knikte.

  'Nu!'

  Hij maakte aanstalten te springen, maar stopte toen hij zag dat zij sprong. Er volgde een krachtige duw, hij maakte ruimte voor haar, voelde haar dicht tegen zich aan. Met al zijn kracht probeerde hij haar vast te houden, maar ze gleed van hem weg in het lichaam dat nu drie energieën hield.

  Even verzette de originele eigenaar van het lichaam zich tegen deze nieuwe invasie en worstelde kort met haar. Maar beiden waren ze niet sterk genoeg en gaven het na een paar seconden op. Hij voelde haar dieper in het lichaam wegzakken, zonder houvast, zonder controle. Zijn idee om haar terug naar het meisjeslichaam te duwen als zijn plan samen in dit lichaam te blijven niet werkte, gleed met haar mee.

  Hij liet zich op de grond zakken in een lichaam dat tegelijk te vol en helemaal leeg voelde. Voor hem lag het lichaam van het meisje waar hij zo lang voor gezorgd had, teruggegeven aan de originele eigenaar. Met onbekende ogen staarde ze naar hem op, bang, niet begrijpend wat er gebeurde. Ze haalde een paar keer hortend adem voordat haar lichaam het opgaf en ze haar ogen sloot.

  Decennia lang hield hij hetzelfde lichaam, bang haar helemaal te verliezen als hij sprong. Keer op keer probeerde hij haar te pakken te krijgen. Zijn wonderkind. Zijn dochter. Maar steeds glipte ze door zijn vingers, misschien bewust, misschien omdat ze gewoon de kracht niet had weer naar het oppervlakte te komen.

  Hij wist dat ze er was, voelde haar energie die net niet helemaal synchroon liep met die van hem. En zoals hij haar in de loop van de jaren steeds sterker had zien worden, zo voelde hij haar nu steeds verder verzwakken. In zijn dromen versmolt haar energie met die van hem, werden ze steeds meer één, maar zijn gevoel wist beter.

  Drie beloftes had hij gedaan, en hij had ze alle drie wel en niet gebroken.

Opmerkingen


bottom of page