FRAGMENT UIT DE LITHISCHE HYMNEN – RIK DE LAVALETTA
- 16 mrt
- 2 minuten om te lezen

Men zegt dat vóór het tijdperk van adem
een ander volk de aarde bewoonde.
Niet van vlees waren zij,
niet van bloed,
maar van kristal
en gespannen licht.
Hun lichamen waren netwerken van filamenten
die zich vasthechtten aan hitte en druk.
Wanneer zij bewogen
verschoof het lied van de planeet.
Zij spraken niet.
Hun gedachten reisden als trillingen
door basalt en magma,
een taal zonder woorden
waarin steen zelf luisterde.
Zo klonk de Voorzichter
uit de diepe korst:
De hitte klimt hoger.
De lucht verandert van smaak.
De zeeën verliezen hun maat.
En de Voorzichtigster antwoordde:
Alles verandert.
Zelfs bergen leren langzaam vloeien.
Maar de aarde koos een andere adem.
Vuurregens vielen uit de hemel.
De zeeën sloegen wit van hitte.
En een nieuwe lucht groeide
in stilte boven de oceanen …
een adem die leven zou dragen,
maar voor hen
langzame vergiftiging was.
Toen brak hun harmonie.
Sommigen bleven.
Zij probeerden hun lichamen te verharden
tegen een wereld die hen niet meer verstond.
Hun resonanties werden dof,
als een klok die onder water luidt,
tot zelfs hun echo
niet langer terugkeerde.
Maar anderen
verzamelden hun stemmen.
Zij zongen één toon
zo scherp
dat kristallen in de aarde begonnen te groeien
in patronen die er nooit eerder waren geweest.
De lucht vouwde zich open
in kleuren zonder naam …
ultraviolet dat naar ijzer rook,
infrarood dat proefde naar oud koper.
In die toon
lieten zij hun vormen los.
Niet stervend.
Maar oplossend
in een patroon van trilling
dat geen lichaam meer nodig had.
Sindsdien rust hun geheugen
diep in het kristal van de aarde.
Hun archieven zijn geen woorden
maar ordeningen van steen.
En wanneer de planeet beeft
en mineralen tegen elkaar zingen
in de duisternis van de korst,
dan fluistert er soms
een nagalm uit een wereld
die ouder is dan onze adem:
Wij waren hier.
Lang vóór wortel, vin of long.
Onthoud dit:
De aarde
heeft meer dan één herinnering.




Opmerkingen